Eigenzinnige Britten roeren zich: Copernicus, Galileo en Erasmus slachtoffer van Brexit

Koos van Houdt

In het Britse dagblad The Times van deze donderdagmorgen 28 maart, kunnen we een verontwaardigd bericht lezen over het mogelijk afsluiten voor de Britten van de toegang tot het ruimtevaartproject Copernicus van de Europese Unie. Het programma kost 4 miljard euro en de Britten doen er tot nu toe gewoon aan mee. Het voorziet in wereldwijde satellietcommunicatie voor weer, klimaat en veiligheid op zee.

Een vergelijkbaar lot wacht de Britten als het gaat om het nieuwe Europese satellietsysteem Galileo. Met dat systeem wordt de Europese Unie onafhankelijk van het Amerikaanse GPS systeem, waarvan de meesten van ons in de auto gebruik maken.

Eerder bleek al dat onderwijsinstellingen in het Verenigd Koninkrijk geen uitnodiging meer krijgen voor deelname aan projecten in het snel groeiende Europese programma Erasmus+. Het gaat dan om gezamenlijke lesprogramma’s tussen scholen in verschillende lidstaten van de Europese Unie en om programma’s voor studentenuitwisseling. De Britten begrijpen helemaal niets van hun uitsluiting en zijn boos. Ze zijn toch nog steeds lid in volle rechten van de Europese Unie?

Andersom is de Europese Unie boos op het Verenigd Koninkrijk. Waarom willen de Britten eigenlijk de Europese Unie verlaten? Dat is slecht voor de Unie. Maar ook slecht voor de portemonnee van het Verenigd Koninkrijk zelf. Ze mogen wel bij Copernicus en Galileo blijven, maar alleen als ze daar extra voor betalen. Uiteraard pas na 29 maart 2019. Maar toch. Steeds meer wordt duidelijk wat de gevolgen zijn van deze uittreding, precies over een jaar.

Aan de vooravond van Goede Vrijdag blijkt vooral dat het Goede Vrijdagakkoord in Noord-Ierland is uitgegroeid tot het allergrootste struikelblok. Dat akkoord is in april precies twintig jaar oud. Het was de eerste stap op weg naar vrede na een periode van 25 jaar van Troubles tussen de katholieken en de protestanten in dit deel van het Verenigd Koninkrijk. Het akkoord zou niet zonder de ondersteuning van de Europese Unie zijn gesloten. Niemand wil terug naar de moordpartijen en bomaanslagen uit die periode. Maar kunnen de Britten zonder steun uit de Unie dit akkoord overeind houden?

Waar komt dan de grens tussen Ierland en Noord-Ierland te liggen? En blijft dat de ‘zachte grens’ die kon worden overeen gekomen toen zowel Ierland als Groot-Brittannië lid waren van de Europese Unie. Toen ging het om een zogenaamde binnengrens en dan is er veel mogelijk. Dat weten Nederlanders maar al te goed, nu zowel onze grenzen met Duitsland en met België zo open zijn, dat we nauwelijks meer ervaren dat we die grens passeren.

Tot nu toe is in de onderhandelingen over Brexit alleen afgesproken dat er een oplossing voor dit probleem komt, maar er is geen begin van een idee, hoe dat dan zou moeten. Want een buitengrens is een buitengrens en die grenzen moeten volgens vrijwel iedere burger in de Europese Unie streng, nog veel strenger dan nu, bewaakt en beveiligd worden. Op het Ierse eiland zou dat echter de doodsteek kunnen worden van het Goede Vrijdagakkoord.

Op 29 maart 2018 moet daarom worden vastgesteld dat 29 maart 2019 nergens de vlag wordt uitgestoken. Steeds meer Britten beginnen ook zelf te beseffen hoe ze zich in de vingers hebben gesneden op 23 juni 2016 tijdens het referendum over de mogelijke uittreding van het Verenigd Koninkrijk. Maandag zei Keir Starmer, namens de fractie van Labour in het Lagerhuis de zogenaamde schaduwminister voor de Brexit, dat hij zichzelf opgezadeld ziet met een aantal “onaangename waarheden”. Hij zei dat in de financieel onafhankelijke krant The Guardian, dat zichzelf het etiket ‘anti-Brexit’ heeft opgeplakt.

Starmer en met hem een groot aantal andere leden van de oppositie waren en zijn tegen Brexit. Ze hebben voor ‘blijven’ gestemd in het referendum en spelen wel met de gedachte van een tweede referendum. Maar ook zij hebben hun politieke leider Jeremy Corbyn en diens radicale aanhang binnen de fractie te respecteren. Corbyn is niet tegen Brexit, wil alleen de gevolgen ervan zoveel mogelijk ‘verzachten’. Starmer verzucht nu in The Guardian, dat de Britten het maar moeten vergeten ooit nog in een tweede referendum de kans te krijgen onder de uittreding uit te komen.

Dat is niet het standpunt van voormalig premier en nu ambteloos burger Tony Blair. Hoewel Blair rond de crisis en het militaire ingrijpen in Irak al zijn gezag onder de Britten is kwijtgeraakt, heeft hij nu voorzichtig en behoedzaam een actiegroep opgericht dat wel streeft naar de uitbreiding van de steun onder de Britten voor zo’n tweede referendum. Maar dat kan pas als het Britse Lagerhuis over een definitief akkoord heeft gestemd, zegt hij. Dan is er een goede reden om het eindresultaat van de onderhandelingen nog eens aan het oordeel van de bevolking te onderwerpen.

Hardop wordt het niet gezegd in Europees Brussel. Maar velen daar hopen op een tweede referendum. Maar dan wel een referendum nadat op 29 maart 2019 de valbijl heeft toegeslagen en de overgangstermijn tot eind december 2020 is ingegaan. Want dan blijft het Verenigd Koninkrijk geen lid, dan wordt het land opnieuw lid. En dat maakt een groot verschil. Vandaar dat in Brussel zo keihard is vastgehouden aan de voorwaarden van zo’n overgangstermijn. De Britten wilden dat? Akkoord. Maar dan wel op onze, dat wil zeggen, Europese voorwaarden.

Het grote verschil is dit. Als op 29 maart 2019 de Britten uit de Unie zijn gestapt dan is er definitief een punt gezet achter de bestaande voorwaarden. Dat zijn er nogal wat. De Britten kennen geen echt open grenzen richting de landen aan de andere kant van de Noordzee en Het Kanaal. Ze doen niet mee aan de euro. En ze krijgen een grote korting op de jaarlijkse contributie. Dat heet rebate. Het is veel andere lidstaten en burgers in de Europese Unie een doorn in het oog. Terugkeren als lid, na deze valbijl van 29 maart volgend jaar, betekent dat al deze ‘voordelen’ uit het pakket zijn verdwenen. Ze moeten dan de Europese wetgeving nemen voor wat die op dat moment is.

Of ze moeten opnieuw onderhandelen over al deze voorwaarden. Dat is niet kansloos. Dat hebben we gemerkt rond de affaire van vader en dochter Skripal die in Salisbury zijn aangevallen met zenuwgas. De Britten vroegen en kregen vorige week donderdag van de Europese Raad een signaal van solidariteit. De regeringsleiders steken dus opnieuw de hand uit richting de Britten. Die kunnen op hun beurt via hun veiligheidsdiensten en hun relatief sterke leger nog heel wat inbrengen in de Europese samenwerking. Dat willen ze ook. Dus wordt ondanks alles de relatie met de Britten nooit ‘gewoon’. Het zal altijd een speciale blijven. En misschien blijven ze alsnog wel. Op 29 maart 2018 geldt nog steeds de conclusie van 24 juni 2016: “De Britten zijn nog lang niet weg”.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here