EU: BTW-lek gigantisch vanwege onvervulde belofte uit 1993

0
251
Gebouw Europese Commissie, Brussel, België foto © Peter-Vincent Schuld

 

EU: BTW-lek gigantisch vanwege onvervulde belofte uit 1993

door Koos van Houdt

Goed, het is een bedrag op de schaal van de Europese Unie. In Nederlandse verhoudingen zou het om vier procent ervan gaan. Maar ieder kalenderjaar wordt er fraude gepleegd met de omzetbelasting, beter bekend als de BTW. Zeker 50 miljard euro aan rechtstreekse fraude. Mogelijk komt 100 miljard euro aan handel niet tot stand. De Europese regels schijnen wel Europees te zijn, maar zijn in werkelijkheid verbrokkeld en niet in alle lidstaten gelijk. Totale economische schade per jaar: 150 miljard euro. Dat nieuws leek ‘nieuw’ deze week, maar was dat niet.
Al sinds een jaar probeert de Europese Commissie er wat aan te doen. Precies om deze reden, dat het om groot geld gaat, dat ieder jaar opnieuw moet worden verrekend. Maar het wil nog niet erg vlotten met zo’n nieuwe regeling voor de omzetbelasting. We hebben het dan niet over het Nederlandse voorstel om de dagelijkse boodschappen, de kapper, de fietsenmaker en andere dagelijkse producten en diensten duurder te maken. Dat speelt ook. Maar daarachter zit een Europese richtlijn. En die richtlijn stamt al uit de tijd voordat in 1993 de Europese interne markt officieel van start ging.

Belastingzaken, zo vindt een land als Nederland, zijn nationale zaken. Daar moet de Europese Unie zich niet of zo weinig mogelijk mee bemoeien. Maar ja, die omzetbelasting. De bevoegdheden zijn gedeeld. De regels worden centraal op Europees niveau gemaakt, is de bedoeling. De tarieven worden nationaal bepaald. Alleen dat al is een aangrijpingspunt voor hen, die door fraude zichzelf willen verrijken ten koste van ons allen als belastingbetaler.

De oorzaak van dit ongerief: de lidstaten van de Europese Unie hebben sinds 1993 geweigerd een belofte te vervullen. Die belofte was: we voeren zo snel mogelijk eenduidige Europese en voor alle lidstaten gelijke in regels voor het innen van BTW (omzetbelasting). Die regels moeten dan passen bij de op dat moment ingevoerde spelregels voor een Europese interne markt. Eindelijk leek dat Europese ‘gelijke speelveld’ een realiteit. Maar rond de invoering van de interne markt moesten tussen 300 en 400 Europese wetsvoorstellen worden besproken, vastgesteld en ingevoerd. Dat bleek gewoon te veel tegelijk. Dus werd het maken van goede Europese regels voor een eerlijke omzetbelasting maar even op het tweede plan gezet. Belastingen? Dat was toch nationaal beleid!

Maar al in 1993 was dus bekend, dat deze regeling nog niet was vastgesteld. Maar het begin was er. Maar het harmoniseren van belastingregels lag toen al moeilijk. De Europese Unie en eenvormige Europese belastingen, dat was jarenlang taboe. We herinneren het ons nog goed. De jaren negentig werden in de Europese Unie de jaren van de Europese ‘Fraude-unie’. Carrousselfraude met sigaretten, die van de ene lidstaat naar de andere werden gesleept, was het meest zichtbaar in die tijd. En een frauderend lid van de Europese Commissie, Edith Cresson, werd tot aftreden gedwongen. Drie maanden voor de Europese verkiezingen van juni 1999 ging zelfs de hele Europese Commissie onder leiding van Jacques Santer in politieke zin ervoor naar huis. Het bezorgt de Europese Unie nog steeds een slechte naam onder de belastingbetalers, u en ik dus.

 

de sjoemelende Franse Europees Commissaris Edith Cresson  (rechts) tijdens een zitting van het (oude) Europees Parlement in Straatsburg, Frankrijk, januari 1999, foto © Peter-Vincent Schuld

 

Maar officieel was voor de omzetbelasting een uitzondering gemaakt. Als bedrijven vrij konden handelen op de hele Europese interne markt, dan zouden de regels voor de omzetbelasting onontkoombaar geharmoniseerd moeten worden.

Vorig jaar oktober, bijna 25 jaar later, stond de Europese Commissie bij de puinhopen van de onvervulde belofte tot harmonisering van de regels rond de omzetbelasting. De aloude grap dat niets definitiever is dan zogenaamde ‘tijdelijke’ belastingregels, bleek gruwelijke werkelijkheid te zijn. In alle jaren dat de lidstaten in feite nog steeds vrij spel hadden om hun eigen systeem van omzetbelasting te hanteren, greep de misbruik en de fraude om zich heen. Zichtbaar in het illegaal transporteren van zaken als vlees en sigaretten via verschillende lidstaten. Panamapapers onthulden grote fraude.

De onrustbarende cijfers van de Europese Commissie kwamen deze week opnieuw in het nieuws. Nu is de aanleiding dat de 28 ministers van financiën er komende dinsdag 2 oktober over onderhandelen in Luxemburg. Als de spelregels die nu worden voorgesteld in werking treden, dan zou de schatkist van alle lidstaten samen er ieder jaar zeker 41 miljard euro beter van worden.

Het wegsluizen door frauduleus handelende en snel weer verdwijnende spookbedrijven zal nooit helemaal zijn te ontlopen, maar wel sterk teruggedrongen kunnen worden. Ook zou de onderlinge handel bevorderd worden, waarmee nog eens op jaarbasis tot 100 miljard aan overheidsgeld opgehaald zou kunnen worden. In totaal gaat heet om maar liefst 15% van het bedrag van 1000 miljard, dat ieder jaar wel in de nationale schatkisten terecht komt.

De verborgen schade is ook groot. Bedrijven zijn in de omzetbelasting onbezoldigde belastingheffers. Zij hebben 24 jaar moeten wachten op spelregels, die het voor hen allemaal wat gemakkelijker maken. Die komen er nu wel, doordat er voor de hele Europese Unie nu hetzelfde stelsel wordt ontwikkeld, zodat geen onderscheid meer hoeft te worden gemaakt tussen berekende btw in eigen land en in een andere lidstaat van de Unie. Een vermoeden voor grote besparingen op te maken kosten voor gewone ondernemers lijkt gerechtvaardigd.

Je zou zeggen, daar wil iedereen wel snel bij zijn. Maar dat blijkt tegen te vallen. De onderhandelingen tussen de ministers van de lidstaten over de grote lijnen voor een nieuw stelsel voor de omzetbelasting verlopen stroef en moeizaam. Volgende week worden wel een paar kleinere successen geboekt. Zo heeft Tsjechië eindelijk het politieke verzet tegen het onderbrengen van elektronische informatie (kranten, e-books etc.) in het lage btw-tarief opgegeven. Dat wordt daarom komende dinsdag politiek afgetikt, schreef minister Hoekstra (financiën) donderdag aan de Tweede Kamer.

Maar Nederland heeft door de zomermaanden heen verschillende keren aan de Tweede Kamer aangegeven dat het wel de doelstelling van de Europese Commissie steunt, maar niet de middelen waarmee dat zou moeten gebeuren. Het gaat om lange en technisch ingewikkelde argumenten. Het komt erop neer dat het geen Europese zaak is, maar een zaak voor de Europese lidstaten. Alsof in Nederland de belastingdienst zo’n beeld van een organisatie is. Maar wellicht zit daar een verborgen agenda. Mocht Nederland uiteindelijk instemmen met de voorstellen van de Commissie, dan zou het wel eens zo kunnen zijn, dat we met onze van lek en gebrek aan elkaar hangende belastingdienst nog eens flink in de problemen komen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here