Bulgarije voor zes maanden voorzitter van de EU: Zorgen en kritiek domineren maar wat zijn de echte oorzaken?

Peter-Vincent Schuld

Het voorzitterschap van de Europese Unie rouleert halfjaarlijks. Op 1 januari ving het voorzitterschap van Bulgarije aan.
Een land dat lid is van de unie hoeft niets te doen of te laten om het voorzitterschap te mogen bekleden. Bulgarije nam het stokje automatisch over van Estland dat de afgelopen zes maanden het voorzitterschap bekleedde. Bulgarije is een relatief nieuw lid van de Europese Unie, in 2007 trad het land toe. Bulgarije is overigens geen lid van de Eurozone en heeft de lev als munteenheid en Bulgarije behoort niet tot het Schengen-gebied.

presid-wacht-sofia
Presidentieel paleis in de Bulgaarse hoofdstad Sofia (c) Peter-Vincent Schuld

Bulgarije is ambitieus en wil het voorzitterschap van de Europese Unie met verve invullen en graag gezien worden als voortvarend en hecht lid van de Europese familie. Bulgarije omkleedt het voorzitterschap met aandacht voor schone energie en over hoe (financieel) verder te gaan met de unie na het vertrek van de Britten.

zwerver-sofia
Oudere man bedelt voor de Alexander Nevski Kathedraal in Sofia (c) Peter-Vincent Schuld

Bulgarije kent zelf echter ook nog de nodige zorgen. Het is tot op heden nog steeds arm, de individuele levensstandaard relatief laag en de levensverwachting is ook nog steeds ver onder het Europees gemiddelde. Daarnaast kampt Bulgarije met de nodige kritiek vanuit Brussel over vermeende corruptie.

Europees Commissaris voor interne aangelegenheden Dimitris Avramopoulos sommeerde de Bulgaren om per direct een onafhankelijk onderzoek in te stellen. Dit mede naar aanleiding van een zwartboek dat werd samengesteld door de Europese Parlementsleden Kathleen van Brempt namens de Vlaamse SP.a – en Kati Piri (namens de Nederlandse PvdA) en het Vlaams parlementslid van Turkse komaf Güler Turan (namens de VlaamseSP.a) over vermeende corrupte praktijken van grenspolitie en douane die, zo het rapport stelt voornamelijk ingezetenen van de Europese Unie van Turkse origine zouden treffen. Voor een snelle afwikkeling van de grensformaliteiten zou door ambtenaren geld worden gevraagd evenals een bijdrage voor ontsmetting van de voertuigen. De parlementsleden verzamelden een 200tal getuigenissen van reizigers over land die deze praktijken zouden hebben moeten ondergaan.

Ook zou de Bulgaarse politie zich schuldig maken aan het “innen” van fooien in ruil voor het laten vervallen van verkeersboetes.
Deze aantijgingen zijn niet nieuw. Reeds voor de toetreding van Bulgarije waren er serieuze zorgen over de integriteit van het Bulgaarse rechtshandhavingsapparaat.

De Bulgaarse regering stelt daar tegenover dat zij het nodige doet om deze vermeende praktijken tegen te gaan door het plaatsen van camera’s die de gedragingen van de ambtenaren aan de grenzen moeten controleren en personeel aan de grenzen met regelmaat te laten rouleren.

Wat betreft het onderweg staande houden en het innen van fooien door de Bulgaarse politie; uw verslaggever was met regelmaat in Bulgarije onderweg en heeft zelf deze willekeur van de Bulgaarse politie tot op heden onderweg nimmer hoeven ervaren. Dat wil overigens niet zeggen dat er geen corruptie bij de politie of bij andere delen van de overheid bestaat. Een wet die in het parlement in stemming is gebracht die corruptie zou moeten beteugelen is verworpen. Er zijn dus serieuze zorgen.

De huidige regering van Bulgarije vaart een pro-Europese koers. Bulgarije liet bij monde van haar premie Bojko Borisov weten dat het huidig voorzitterschap van de EU “een grote eer en tegelijkertijd ook een grote verantwoordelijkheid is”.

Onder de Bulgaarse bevolking heersen tot op de dag van vandaag anti-Turkse sentimenten die toegeschreven kunnen worden aan de tijd dat Bulgarije bezet was door de Ottomanen en de bemoeienis van Turkije met de Bulgaarse binnenlandse aangelegenheden. Bulgarije kent een Turkse minderheid van ongeveer 9,4 % van de 7,3 miljoen inwoners. Deze stammen af van de Turkse kolonisten die ten tijde van het Ottomaanse Rijk zich in Bulgarije vestigden. In 1984, onder het destijds nog communistische regime werden Turkse namen verboden en moskeeën gesloten. Deze anti-Turkse gevoelens onder de Bulgaren lijken het vermeende gedrag van grenswachten en douanebeambten jegens EU ingezetenen van Turkse komaf te kunnen verklaren.

In het afgelopen voorjaar waren er in Bulgarije parlementsverkiezingen. De Turkse president Erdogan mengde zich in de Bulgaarse verkiezingsstrijd.
Erdogan beschuldigde Bulgarije “ondemocratisch te zijn en de Turkse minderheid te onderdrukken”. Vervolgens riep Erdogan
de Turken in Bulgarije op om op de partij Dost te stemmen. Deze partij vertegenwoordigt de Turken die in Bulgarije woonachtig zijn. Erdogan riep eveneens de in Turkije woonachtige Bulgaarse Turken op om in Bulgarije te gaan stemmen op Dost. Op deze manier trachtte Erdogan de invloed binnen van Turkije in Bulgarije te vergroten hetgeen Erdogan niet in dank werd afgenomen door de Bulgaarse bevolking en landsbestuur.

erdogan-ep
Turkse President Erdogan, hier gefotografeerd bij een bezoek aan de Europese instellingen in Brussel (c) Peter-Vincent Schuld

Het leverde een sneer op richting Erdogan van de Bulgaarse president Rumen Radev die Erdogan meedeelde “geen lessen in democratie nodig te hebben en deze ook niet te willen ontvangen, en vooral niet van landen die geen respect hebben voor de rechtsstaat”.

Opvallend is dat in de Europese klaaggezangen richting Bulgarije met geen woord wordt gerept over de (mogelijke) oorzakelijke verbanden.