De oude getijdenmolen in het Vlaamse Rupelmonde: Over energie, Vlaamse kracht en een ingebeelde duurzaamheid in de moderne tijd

0
599
De getijdenmolen in het Vlaamse Rupelmonde. Foto: © Peter-Vincent Schuld

door Peter-Vincent Schuld

Het denken over energie en krachtbronnen is niet van vandaag. Mensen hebben maar een beperkte fysieke kracht om iets in beweging te zetten en dus een krachtbron te vormen. Denkt u dat ik in mijn eentje een blok beton van 200 kilo zomaar kan optillen en verplaatsen? Laat staan dat ik een molensteen van vele honderden kilo’s in werking kan zetten.

Van oudsher is men dus al op zoek naar hulpmiddelen die we krachtbronnen noemen. Het is erg logisch dat je kijk naar wat de aarde voor natuurlijke hulpbronnen te bieden heeft. Dat geldt voor water, dat geldt ook voor olie en gas.

De getijdenmolen in het Vlaamse Rupelmonde.
Foto: © Peter-Vincent Schuld

Maar in de 11e eeuw was men nog niet zover dat er naar olie geboord werd en dus dienden de wagens uitsluitend door voort getrokken te worden door vee of mens. Al vroeg was zich men bewust van de kracht van water en dus deden de watermolens hun intrede. We kennen allemaal de werking ervan. Tenminste als u goed opgelet heeft op school dan wel als u zo’n ding ooit bezocht heeft.

Getijdenmolen bij eb in het Vlaamse Rupelmonde
Foto: © Peter-Vincent Schuld


Voor dit verhaal trekken we er één exemplaar uit. De getijdenmolen van het Vlaamse Rupelmonde. Waarom juist deze? Omdat het de enige nog werkende getijdenmolen in Vlaanderen is. Tot het begin van vorige eeuw hadden we in Vlaanderen nog gedeeltelijk werkende exemplaren staan Temse en Hamme. Vlaanderen kent een uiterst rijkehistorie van graven. heerlijkheden, schildknapen en bouwwerken. Vlaanderen is het gebied van oude heraldiek met de Vlaamse Leeuw als trots symbool van de veerkracht van de Vlamingen. België kent als wapenspreuk “Eendracht maakt macht”, maar in het huidige politieke landschap kan het beter beschreven worden “Tweedracht waar je om lacht”. Nee laat de gemiddelde hardwerkende Vlaming maar doen. Als (foto)journalist heb ik 15 volle jaren in Vlaanderen gewoond en gewerkt.  Zolang de politici er zich niet te veel mee bemoeien zit er in Vlaanderen een natuurlijke kracht en energie waar de kerncentrale van Doel jaloers op mag zijn.

Terug naar de getijdenmolens Ook in die tijd was het “bezitten” van een krachtcentrale een machtsfactor in de regio. Want “ik heb iets waar jij baat bij hebt en dat kost je  -x- om daarvan te mogen profiteren”. Maar hoe werkt nu zo’n getijdenmolen? Er wordt gebruik gemaakt van het natuurlijk verschijnsel eb en vloed. Rupelmonde ligt aan de Schelde, een rivier die bij Vlissingen uitmondt in de Noordzee. Dus ook de rivier de Schelde kent eb en vloed.

Getijdenmolen in het Vlaamse Rupelmonde
Foto: © Peter-Vincent Schuld


Het beste voorbeeld van hoe u en ik de getijden in de rivier de Schelde kunnen waarnemen is wanneer het springtij is en de kades in het nabijgelegen Antwerpen met stalen deuren worden gesloten zodat het Scheldewater niet in “het stad” kan stromen, zoals de Antwerpenaren hun geliefde “binnenstedelijke nederzetting” noemen.

Waterkering in Antwerpen is zoals op de foto gesloten bij springtij
Foto: © Peter-Vincent Schuld


Bij vloed wordt de dam in de inham geopend en stroomt het water in het spaarbekken ook wel spaarkolk genoemd. Door de druk van het water wordt het schoepenrad in werking gezet en kan het malen beginnen. Het water dat door het schoepenrad wordt opgeschept komt nadien in een opvangbekken bij de getijdenmolen   terecht om en nabij de getijdenmolen en in de grachten van de overblijfselen van het kasteel van Rupelmonde waarna het weer terug de Schelde in wordt geleid.

Overblijfselen van het kasteel van Rupelmonde met gracht
Foto: © Peter-Vincent Schuld

Al in 1187 werd alhier in Rupelmonde de eerste getijdenmolen gebouwd. De installatie behoorde in vol eigendom toe aan de Graaf van Vlaanderen. Honderden jaren gingen er voorbij. De molen bleef draaien, het water stromen. Nu verandert het eigenaarschap van krachtbronnen sneller dan we kunnen bijhouden. Wie is morgen die nieuwe aandeelhouder van welk energiebedrijf dat overmorgen weer een nieuwe naam kan dragen. Nee, in Rupelmonde bleef alles bij het oude tot 1516.

Fiscale streken
Wie denkt dat de fiscus heden ten dage grijpgraag is. Nou vroeger konden ze er ook wat wat. De boeren annex eigenaren in het  Land van Waas moesten jaarlijks een soort van eigendomsbelasting afdragen aan de Graaf van Vlaanderen, “penningrente” genaamd. Daar nog eens bovenop werden ze verplicht om elke 7 jaar de grachten en het de waterpartij waarin het ingevoerde Scheldewater werd geloosd te ontdoen van zand en slib. Op eigen kosten.

Moderne inlaat van Scheldewater voor de getijdenmolen in Rupelmonde
Foto: © Peter-Vincent Schuld

In de tussenliggende eeuwen was het onrustig en woedde er de nodige oorlogen op Vlaamse gronden. Vlaanderen is als we het op de keper beschouwen doordrenkt met bloed ten gevolge van ontelbare oorlogen die er hebben gewoed. Verwoesting en geweldpleging was in Vlaanderen aan de orde van de dag,

Uiteindelijk, eeuwen later konden boeren zich onder de verplichtingen aan de Graaf van Vlaanderen uitkopen. De boeren waren het zat om telkens op te draaien voor de verliezen die de oorlogszuchtige adelstand met elkaar meende te moeten voeren. In 1516 werd de helft van de getijdenmolen verkocht aan de stad Rupelmonde, dat heden ten dage deel uitmaakt van de gemeente Kruibeke. Na in de 16e eeuw nog eens goed in de fik te hebben gestaan werd de installatie opgebouwd  Talloze keren verwisselde de getijdenmolen en kasteel van eigenaar  en uiteindelijk  kwam het in de 70er jaren van de vorige eeuw in eigendom van de Stad Rupelmonde. De gemeentelijke herindeling brachten het kasteel, de watermolen en de daarbij behorende waters in eigendom van de Stad Kruibeke.
Anno 2020. Al wordt de molen niet meer commercieel gebruikt, de molen heeft met het malen van graan de orkaan der eeuwen doorstaan en werkt nog steeds.

De rivier de Schelde vanaf Rupelmonde bezien met aan de overkant windmolens en hoogspanningsmasten
Foto: © Peter-Vincent Schuld

Men kere de rug af van de molen en kijkt naar links met zicht op de Schelde. Een nieuw fenomeen in de niet aflatende vraag naar krachtbronnen nemen duidelijk zichtbaar plaats in aan de horizon. De windmolens. Geliefd en gehaat. Een ding is zeker. De levensduur van zo’n stalen kolos die in de hoogte gaat heeft is korter dan de getijdenmolen van Rupelmonde. Laten we het over een tijdje nog eens over het modewoord “duurzaam” hebben.