Onbevangen en vrij versus de politiek correcte inquisitie

Peter-Vincent Schuld

De samenleving bij ons kent verenigingen van gefrustreerde en betweterige individuen.
Voorzien van een grote mond met de maatschappelijke relevantie van een ééndagsvlieg en het verstand een amoebe.

Wie geen eigen mening heeft, wordt er wel eentje aangepraat. Wie wat minder sterk in zijn schoenen staat, kan zoveel beuken op zijn al dan niet aanwezig denkvermogen verwachten dat een bepaalde mening er wel in wordt geramd.

Wie tegen de verdrukking in, van een collectief opgedrongen opinie, op basis van (historische) feiten een tegengestelde mening vormt en hier recht vooruit komt neigt verstoten te worden uit de “weldenkende” samenleving. Voeg daarbij ook nog eens de rol van de (sociale) media en de chaos is compleet.

Ik breek in dit stukje een lans voor de vrije denkers die zich niet laten sturen..

“Racisme”; in de ogen van een querulant groepje is Zwarte Piet een racistisch exponent van het slavernijverleden.
Denkt u nou echt dat dit ooit in mij opgekomen is?
Dit terwijl ik echt wel wat historische kennis en historisch besef in huis heb.
Zwart geschminkte mensen die kinderen blij maken en laten lachen.
Een beter voorbeeld tot het bestrijden van vooroordelen van mensen met een donkere huidskleur kan men zich niet inbeelden.
Waarom toch onnodig polariseren?
Ten gunste van wat?
Wie wordt hier een dienst bewezen?

De slavernij heeft zich van de fysieke inspanningen op de plantages in den vreemde verplaatst naar de de hoofden, huiskamers, scholen, universiteiten en kantoorgebouwen.

Slaafs de politieke correctheid volgen zonder een en ander in vraag te stellen, vaak uit angst voor wat anderen wel niet denken of vinden.

Ik word kotsmisselijk van deze Politiek Correcte Inquisitie, welke ik hierna zal benoemen als de PCI. De definitie van de PCI: “Een organische verbinding van al dan niet zelfstandig opererende individuen, instellingen en protestbewegingen die middels het druk uitoefenen op het zelfstandig denkvermogen, mensen op totalitaire wijze dwingen in de samenleving eensluidend te denken en dit eveneens afdwingen onder andere maar niet uitsluitend door misbruik van recht”.

Ik verdom het om slaafs een gedachte of een ideologie te volgen waar ik me niet in kan vinden. Ik wil niet onterecht verweten worden dat ik xenofobe gedachten er op na zou houden terwijl ik met mijn volle geweten durf te zeggen dat het niet het geval is. Kan ook niet als je zowat de hele wereld hebt rondgereisd en amper in de problemen bent gekomen.

Een afwijkende mening of visie, hoe inhoudelijk en feitelijk deze ook moge wezen wordt niet zelden afgeslacht door de macht van het getal maal de luidruchtigheid. Dat is een gevaarlijke ontwikkeling en je komt het tegen op zowel de linker als de rechter flanken van onze samenleving.

Politieke correctheid is een dogma geworden. Een dogma heeft per definitie een uiterst totalitair karakter en laat zichzelf niet in vraag stellen. Immers als je een dogma in vraag stelt, verliest het dogma automatisch haar vermeende autoriteit. Is dit het enig dogma in onze samenleving?
Nee, was het maar waar. Het beeld dat geschetst wordt dat politici uit gevestigde partijen alleen maar bezig zijn met het in stand houden van zichzelf is eveneens een dogma dat kant noch wal slaat.

Zowel het afgeven op de “politieke elite” als wel het negeren van gevoelens van ontevredenheid binnen de samenleving gaan steevast gepaard met inmiddels overbekende mantra’s. Iets vernieuwend dat daadwerkelijk iets bijdraagt aan het inhoudelijk verbeteren van de samenleving bemerk ik amper of niet. We zullen echt uit onze verzuilde hokjes moeten komen waarvan de sloten spreekwoordelijk zijn vastgeroest.

De samenleving heeft behoefte aan verlichting. Nieuwe denkers van het kaliber Machiavelli, Voltaire en Montesquieu.

Ik denk weer aan dat ene Afrikaanse vrolijke ventje in Benin dat vrij van vooroordelen en aangeleerde valse mores mij onbevangen en hartelijk begroette in zijn leefomgeving, zijn samenleving. Zijn eenvoud en vriendelijkheid, zonder dat hem iets was aangeleerd of opgelegd. Dit kereltje zou een voorbeeld moeten zijn voor iedereen. Voor mij in ieder geval wel. Denkt u nou echt dat dit ventje en ik ook maar een fractie van een seconde stil stonden bij onze verschillende huidskleuren?

Ik kwam in het ventje zijn dorpje terecht. Ik werd hartelijk ontvangen en binnen gevraagd. Ik liet op mijn gevoel mijn tas met camera’s en computer gewoon buiten staan waar direct een groepje jongeren omheen gingen staan om de tas te beschermen. Ik toonde respect en vertrouwen, ik kreeg warmte en onmetelijke vriendelijkheid terug. Ik gaf oprecht warmte en al mijn vriendelijkheid en kreeg respect zonder dat ik er om vroeg.
Daar heb je geen opgelegde of ingestampte mantra’s voor nodig..

possotome-benin-local-village
Het dorpje waar uw verslaggever hartelijk werd ontvangen, oprechte vriendelijkheid gaf en ongevraagd respect kreeg.
(c) Peter-Vincent Schuld

Ik heb heel wat op het Afrikaanse continent gereisd. Nooit, maar dan ook nooit is mijn huidskleur ook maar één keer voorwerp geworden van discussie of onvriendelijkheid. Wel maakten de Afrikanen en ik over en weer eindeloos grappen over elkaars verschillen. Als u denkt dat ik grove grappen kan maken, nou mijn Afrikaanse vrienden konden er ook wat van, en ik moest er hartelijk om lachen.
Je moet jezelf niet te serieus nemen en vooral dat ego niet als bagage meenemen.
Uiteindelijk vonden mijn gastheren dat ik een blanke was met een Afrikaans hart.
Daar kon ik me perfect in vinden en een groter compliment kon ik me niet wensen.